Tine van de Weyer

Tine van de Weyer (1951) volgde haar opleiding aan de Koninklijke Academie voor Kunst en Vormgeving te ’s-Hertogenbosch en aan de Academie voor Journalistiek en Voorlichting te Tilburg. Na veertien jaar geconstrueerde en samengestelde beelden in metaal en ook in andere materialen te hebben gemaakt heeft zij n.a.v. foto’s van de fotograaf Karl Blossfeldt een aantal plastische beelden gerealiseerd. In deze foto’s wordt uitgegaan van allerlei details van planten, die het organisch groeien en zwellen van planten tonen en de plasticiteit van de vormen, die daarvan het gevolg zijn. Deze foto’s waren een soort startpunt voor de nieuwe bronzen beelden. Rosamunde was het eerste beeld in deze serie. Het oppervlak van het beeld is bedekt met in brons gegoten vogelvleugels als een verwijzing naar eerdere monumentale ruimtelijke vleugelbeelden. Het beeld Karl-Karl lijkt een overgangsfase te vertegenwoordigen: het heeft weliswaar een nauwkeurig omschreven, alom sluitende contourlijn, maar het manifesteert zich geenszins als een gesloten volume; ook binnen de contour kijk je er dwars doorheen. Het beeld draait om een gesloten, kolomachtige kern, in het schorsachtig ruwe, knoestige oppervlak, waarvan ronde,gladdere gedeelten opduiken (borsten, gezichten van in het beeld gevangen wezens?). Daaromheen wervelt een kluwen van kronkelende spinnen armen, die zich vanuit de beide uiteinden van de kern- door elkaar heen weven en rond die kern een onregelmatig hotse botsend bolvormig volume afbakenen: het geheel maakt de indruk van een slang omgeven ‘Medusa kop’, of de half open, half gesloten vorm van een winterse boomkruin. Karl-Karl dicteert verschillende standpunten: van dichtbij bekeken valt de nadruk vooral op de centrale stam. Van grotere afstand bezien valt de nadruk op het bolvormig volume daar omheen; dan wordt ook de fundamentele doorzichtbaarheid van het beeld zichtbaar en de regelmaat waarmee de slangen, rechtsom spiralend, het omhullend weefsel vormen. Coutisane is veel abstracter: rondom een soort stam, die de ruggengraat van de compositie vormt, valt jabot-achtig kantwerk naar omlaag, waarin nog duidelijk de plakken gedrapeerde was herkenbaar zijn. Onderin zit een cartouche zoals in Rococoplafonds”. In de tijd dat de beelden ontstonden was de oorlog in Bosnië wereldnieuws. ‘Echo van een Oorlog’ bestaat uit een kern die door een bandenweefsel wordt beschermd. Het beeld ontstond intuïtief n.a.v. het oorlogs nieuws dat dagelijks via de radio het atelier binnen kwam. Pas veel later werd de kunstenaar gewaar dat de vorm sterke verwijzing had naar een granaat. Het beeld was niet vanuit die intentie gemaakt, maar is een weerslag van de gebeurtenissen om haar heen.