Menno Bauer

Passie en pijn schuren elkaar op de schilderijen van Menno Bauer. Toch bevatten de werken nergens zware dramatiek. Het gebruik van zilvergrijs en wit, dat gepaard gaat aan een tere, beweeglijke lijnvoering, geeft zijn liefdestaferelen zelfs een vlinderachtige lichtheid. De beschouwer wordt meegevoerd in een wervelende tango van aantrekken en afstoten. Vurig rood raakt het hart van de kijker. De poëtische titels roeren de hersenen. Zo is elk doek behalve een stuk boeiende schilderkunst, een krachtig associatief veld. Menno Bauer zag in 1949 het levenslicht te Haarlem. Begin 1979 gaf hij een succesvolle loopbaan als fotograaf op voor het onzekere bestaan als vrij kunstenaar. Hij kon niet anders. Bauer is gevoelsmens tot in zijn vingertoppen. Ondanks experimenten met fotomontage en beeldbewerking, bleef de fotografie voor hem een te afstandelijk medium. Verf en kwast voldeden beter om mensen en hun emoties te verbeelden. Met discipline, geploeter en een vleug inspiratie, ontwikkelde hij een gevoelige, expressionistische schilderstijl die veel mensen aanspreekt. Waardering ondervindt hij ook in talloze kunstinstellingen in binnen- en buitenland. Zoals van Gallery Artpointblack te Florence, die zijn werk promoot door heel Italië. Een tentoonstelling in Gallery JMA te Wenen, leidde tot uitnodigingen voor deelname aan internationale kunstbeurzen in Moskou en Beijing. In Nederland werd hij, voor de vijfde keer op rij, genomineerd voor de verkiezing van ‘Kunstenaar van het jaar’. Naar vorm en inhoud kenmerken de schilderijen zich door vitaliteit. Datzelfde geldt voor de kunstenaar. Bauer blijft niet hangen op een bepaald niveau. Met steeds minimaler beeldmiddelen streeft hij naar intenser schilderkunst. Aanvankelijk gebruikte hij veel rood in een wat donker, bont palet. Vurig rood vangt nog steeds de blik maar nu in contrast met heldere lichte tinten en verplaatst naar de randen van het beeldvlak.